Aalscholvers geliefd, verguisd en steeds minder?

In Nationaal Park Nieuw land broedden niet zo lang geleden meer dan 10.000 paar aalscholvers in meerdere kolonies. Tegenwoordig zijn het er nog maar enkele honderden. Hoewel ze er vaak van beticht worden dat ze alle vissen opeten, is het omgekeerde waar. De visstand bepaalt de aalscholverstand.

Aalscholvers zijn grote vogels. Op het eerste gezicht lijken ze zwart, maar in het zonlicht glanzen ze prachtig zwartgroen en blauw. In hun broedkleed hebben ze witte vlekken op de onderbuik en veel witte veren op de kop. Jonge aalscholvers zijn bruin met een soms met een geheel witte buik, waardoor niet iedereen ze herkent. Gemiddeld worden aalscholvers 10 tot 15 jaar oud, en soms zelfs meer dan 20 jaar oud. Ze nestelen in kolonies en vissen zowel in groot open water als in kleine meren, vaarten en ook steeds vaker in stadsvijvers. Aalscholvers die hun vleugels spreiden terwijl ze rusten op een paal is misschien een herkenbaar beeld? Dit doen ze, omdat ze geen goede vetlaag op de veren hebben. Ze worden hierdoor nat tijdens het vissen en moeten hun vleugels dus drogen. Ze vliegen in groepen in V-formatie naar de voedselgebieden, zoals grote visrijke meren. Zo grenzen de kolonies in NP Nieuw Land aan het Marker- en IJsselmeer.

Broeden in grote of kleine kolonies

Aalscholvers broeden gezamenlijk in kolonies van enkele tientallen tot vele duizenden paren. De nesten bouwen ze op de grond of in bomen. Hun uitwerpselen zijn zo zuur dat de bomen waarin ze broeden afsterven. Een typisch beeld is dan ook een aalscholverkolonie in een halfdood bos. Aalscholvers kunnen al in december beginnen met de nestbouw, maar afhankelijk van het weer en de hoeveelheid vissen, kunnen ze ook gewoon in het voorjaar starten. Ze bouwen in een paar dagen een rommelig nest waar ze twee tot drie lichtblauwe eieren in leggen. Het formaat van de eieren is enorm variabel. Hoe groter de eieren, hoe groter de kans dat de kuikens overleven. De jongen komen namelijk niet tegelijk uit, en dan zijn grote jongen in het voordeel. Je ziet dan ook op een nest zowel grote als kleine jongen. De kleinsten gaan dood als er weinig eten is.

Van megakolonies naar kleine aantallen tegenwoordig

Tot 1970 waren aalscholvers nog bijzondere broedvogels in Nederland. Ze waren jarenlang vervolgd en de eieren kwamen niet uit door gifstoffen. Dankzij bescherming herstelde de populatie zich tot 24.000 paar in 2010. Daarna daalden de aantallen weer. Nationaal Park Nieuw Land was lange tijd één van de belangrijkste broedgebieden voor de aalscholver in Nederland. In de Oostvaardersplassen broedden bijvoorbeeld vele duizenden paren en ook waren er kolonies in de Lepelaarplassen en langs de Houtribdijk. De broedplekken waren veilig voor roofdieren en de meren waren rijk aan vissen. De redenen voor de afname zijn niet goed bekend, maar waarschijnlijk is er minder te eten en zijn sommige kolonieplekken minder geschikt geworden.

Waar kan je aalscholvers op de nesten zien?

Iedereen kan aalscholvers op hun nesten bekijken vanaf de uitkijkposten aan de zuidzijde van de Lepelaarplassen en vanuit kijkhut De Krakeend bij de Praamweg. Let dan ook eens op de geluiden! Volwassen aalscholvers maken een diep gakkend geluid en de kuikens piepen er hees op los.

Geschreven door Jan van der Winden (Lowland Ecology Network)